Hoe wordt de zorgtoeslag berekend?
De zorgtoeslag hangt vooral af van het inkomen en de huishoudsituatie. Deze pagina legt uit hoe de berekening is opgebouwd en hoe een proefberekening werkt.

De zorgtoeslag is een aflopende bijdrage: hoe hoger het inkomen, hoe lager de toeslag. De berekening is opgebouwd uit een vast en een inkomensafhankelijk deel.
De opbouw van de berekening
Standaardpremie
De berekening gaat uit van een standaardpremie: een genormeerd bedrag voor de basisverzekering. De zorgtoeslag vult het verschil aan tussen die standaardpremie en de eigen bijdrage die iemand op basis van het inkomen wordt geacht te kunnen betalen.
Eigen bijdrage naar inkomen
Naarmate het toetsingsinkomen stijgt, stijgt de eigen bijdrage. Daardoor daalt de toeslag geleidelijk tot deze bij de inkomensgrens op nul uitkomt.
Alleenstaand of met partner
Voor een huishouden met een toeslagpartner gelden andere bedragen dan voor een alleenstaande, omdat het gezamenlijke inkomen wordt getoetst.
Vermogen op de peildatum
Naast het inkomen geldt een vermogenstoets. Het vermogen in box 3 op 1 januari mag niet boven de grens uitkomen; voor een toeslagpartner geldt een hogere gezamenlijke grens. Anders dan het inkomen, dat over het hele jaar wordt geschat, telt het vermogen op één peildatum. Een tijdelijk hoog saldo op die datum kan het recht voor het hele jaar laten vervallen, ook als het bedrag kort daarna weer daalt.
De rol van het toetsingsinkomen
Het toetsingsinkomen is de spil van de hele berekening. Het is niet hetzelfde als het nettoloon: het gaat om het verzamelinkomen, dus de optelsom van inkomsten uit werk, uitkering, pensioen en andere bronnen, vóór aftrek van toeslagen. Hoe hoger dat inkomen, hoe hoger de eigen bijdrage die wordt verondersteld en hoe lager de aanvulling. Bij een huishouden met een toeslagpartner worden beide inkomens bij elkaar opgeteld; daardoor kan een tweede inkomen de toeslag flink drukken of doen vervallen. Omdat de uitkomst zo gevoelig is voor de inkomensschatting, is het belangrijk om die schatting realistisch te houden en bij elke wijziging bij te stellen. De systematiek achter de grenzen staat uitgebreider beschreven bij de inkomensgrenzen.
Let op: de standaardpremie en de inkomensgrens worden jaarlijks vastgesteld. Gebruik daarom altijd de actuele proefberekening voor een betrouwbaar bedrag.
Proefberekening
De zorgtoeslag is eenvoudig te berekenen met de proefberekening op belastingdienst.nl. De geldende bedragen staan bij de zorgtoeslagregels 2026, en de voorwaarden op de pagina zorgtoeslag.
Een voorbeeld van de geleidelijke afbouw
Het effect van de inkomensafhankelijke afbouw is in de praktijk goed te zien. Bij een laag inkomen ligt de zorgtoeslag dicht bij het maximumbedrag; naarmate het inkomen stijgt, neemt de eigen bijdrage toe en daalt de toeslag stapsgewijs, tot deze bij de inkomensgrens op nul uitkomt. Daardoor levert een kleine inkomensstijging zelden het volledige verlies van de toeslag op, maar een geleidelijke vermindering. Voor een huishouden met een toeslagpartner verloopt die afbouw over een hoger inkomenstraject dan voor een alleenstaande. Omdat de exacte bedragen jaarlijks worden vastgesteld, geeft de proefberekening met de gegevens van het lopende jaar het meest betrouwbare resultaat.
Wat heb je nodig voor de berekening
Voor een nauwkeurige uitkomst zijn een paar gegevens nodig: een realistische schatting van het toetsingsinkomen over het hele jaar, de gegevens van een eventuele toeslagpartner en het vermogen op 1 januari. Met die informatie rekent de proefberekening direct uit of er recht bestaat en om welk bedrag het ongeveer gaat.
Waarom een proefberekening onmisbaar blijft
Een ruwe inschatting volstaat zelden, omdat de twee belangrijkste bouwstenen — de standaardpremie en de inkomensgrens — elk jaar opnieuw worden vastgesteld. Een bedrag dat vorig jaar klopte, is dit jaar mogelijk verouderd. De proefberekening van de Belastingdienst werkt altijd met de bedragen van het gekozen jaar en past automatisch de juiste afbouw toe op het opgegeven inkomen. Daardoor geeft die berekening niet alleen een ja-of-nee op de vraag of er recht bestaat, maar ook een betrouwbare indicatie van het maandbedrag. Wie eenmaal weet op welk bedrag het uitkomt, kan de zorgtoeslag vervolgens aanvragen; de onderliggende voorwaarden staan bij de zorgtoeslag.