Zorgtoeslagregels 2026
Een overzicht van de regels die in 2026 gelden voor de zorgtoeslag: de inkomensgrens, de vermogensgrens en de basisvoorwaarden.

De zorgtoeslagregels worden jaarlijks vastgesteld. Voor 2026 gelden de onderstaande uitgangspunten; de exacte bedragen worden door de Belastingdienst gepubliceerd.
Inkomensgrens 2026
De zorgtoeslag kent een maximaal toetsingsinkomen. Voor een alleenstaande ligt die grens lager dan voor een huishouden met een toeslagpartner. Onder de grens bouwt de toeslag geleidelijk af naarmate het inkomen stijgt; boven de grens vervalt het recht.
Vermogensgrens 2026
Naast het inkomen geldt een vermogenstoets. Het vermogen in box 3 op 1 januari 2026 mag niet boven de grens liggen. Voor een toeslagpartner geldt een hogere gezamenlijke grens. Zie vermogen en toeslagen.
Basisvoorwaarden
- De aanvrager is 18 jaar of ouder.
- Er is een Nederlandse basisverzekering.
- Het inkomen en vermogen blijven onder de grenzen.
Alleenstaand of met toeslagpartner
Het onderscheid tussen een alleenstaande en een huishouden met een toeslagpartner loopt door beide toetsen heen. Voor het inkomen wordt bij een toeslagpartner het gezamenlijke toetsingsinkomen beoordeeld, en ligt de inkomensgrens navenant hoger dan voor een alleenstaande. Ook het maximale toeslagbedrag verschilt: een tweepersoonshuishouden kan een ander bedrag ontvangen dan iemand zonder partner. Bij de vermogenstoets geldt hetzelfde principe — partners hebben samen een hogere gezamenlijke grens dan een alleenstaande. Wie gedurende het jaar een toeslagpartner krijgt of juist verliest, ziet de uitkomst daardoor veranderen; zo’n wijziging hoort te worden doorgegeven.
Hoe de regels jaarlijks worden herzien
De zorgtoeslagregels worden elk jaar opnieuw vastgesteld. De opzet — een standaardpremie als referentie, een inkomensafhankelijke eigen bijdrage en een geleidelijke afbouw tot de inkomensgrens — blijft van jaar tot jaar in grote lijnen gelijk. Wat verschuift, zijn vooral de concrete bedragen: de standaardpremie volgt de ontwikkeling van de premies voor de basisverzekering, en de inkomens- en vermogensgrenzen worden mee aangepast. Een huishouden dat in een bepaald jaar net buiten de grens viel, kan het volgende jaar wél in aanmerking komen wanneer de grenzen meebewegen. Daarom is een eerdere afwijzing geen reden om de berekening niet opnieuw te doen.
Let op: de concrete inkomens- en vermogensgrenzen voor 2026 worden jaarlijks bijgesteld. Gebruik de proefberekening van de Belastingdienst voor de actuele bedragen.
Berekening
De systematiek van standaardpremie en eigen bijdrage staat uitgelegd op de pagina zorgtoeslag berekenen.
Wat als het inkomen net boven de grens ligt
Door de geleidelijke afbouw is er geen harde drempel waarboven de zorgtoeslag plotseling volledig verdwijnt: vlak onder de grens is de toeslag al klein. Toch loont het de moeite de schatting nauwkeurig te houden, want een te optimistische inschatting leidt tot een terugvordering. Wie rond de grens zit, kan met de proefberekening per scenario zien wat een hoger of lager inkomen betekent.
Samenloop met de andere toeslagen
De zorgtoeslag staat los van de huurtoeslag en het kindgebonden budget, maar ze delen wel hetzelfde toetsingsinkomen en dezelfde peildatum voor het vermogen. Een inkomensstijging werkt daardoor vaak in meerdere toeslagen tegelijk door. Het is dus verstandig bij een wijziging niet alleen de zorgtoeslag, maar alle lopende toeslagen in Mijn toeslagen te controleren. Zie ook het overzicht van de inkomensgrenzen en de pagina over vermogen en toeslagen.
De actuele bedragen controleren
Deze pagina beschrijft de uitgangspunten van de regeling, niet de exacte euro’s; die worden door de Belastingdienst gepubliceerd en in de proefberekening verwerkt. Wie wil weten of de eigen situatie binnen de grenzen van 2026 valt, voert de gegevens in de proefberekening in en ziet meteen het resultaat. Vervolgens kan de toeslag worden aangevraagd. Sluit de toeslag niet meer aan op de situatie — bijvoorbeeld door een hoger inkomen of een verhuizing naar het buitenland — dan is het mogelijk om de toeslag te laten stopzetten, zodat een terugvordering wordt voorkomen.