Zorgtoeslag: bijdrage in de premie van de zorgverzekering
Zorgtoeslag is een tegemoetkoming in de premie van de basisverzekering. Of er recht op bestaat, hangt vooral af van het inkomen en het vermogen. Hieronder de voorwaarden en de aanvraagprocedure.

Zorgtoeslag is een van de vier toeslagen die door Dienst Toeslagen worden uitgevoerd. De regeling vangt een deel van de kosten van de verplichte basisverzekering op voor mensen met een laag of middeninkomen. Het recht en de hoogte hangen samen met het inkomen, het vermogen en de huishoudsamenstelling.
Wat is zorgtoeslag?
Iedereen van 18 jaar en ouder in Nederland is verplicht een basisverzekering af te sluiten en betaalt daarvoor een nominale premie. De zorgtoeslag is bedoeld om die premie betaalbaar te houden voor wie een beperkt inkomen heeft. Het is een bijdrage in de kosten, geen volledige vergoeding.
De toeslag wordt maandelijks als voorschot uitbetaald en na afloop van het jaar definitief vastgesteld op basis van het werkelijke inkomen.
Voorwaarden voor zorgtoeslag
Leeftijd en verzekering
De aanvrager is 18 jaar of ouder en heeft een Nederlandse zorgverzekering. Voor wie net 18 is geworden, kan de toeslag ingaan vanaf de maand na de 18e verjaardag.
Inkomensgrens
Het toetsingsinkomen mag niet boven de jaarlijks vastgestelde grens liggen. Voor een alleenstaande ligt die grens lager dan voor een huishouden met een toeslagpartner. De toeslag bouwt geleidelijk af naarmate het inkomen stijgt; boven de grens is er geen recht meer. De actuele bedragen staan bij de zorgtoeslagregels 2026 en in het overzicht van de inkomensgrenzen.
Vermogensgrens
Naast het inkomen geldt een vermogenstoets. Het vermogen in box 3 op 1 januari mag niet boven de grens liggen. Voor een toeslagpartner geldt een hogere gezamenlijke grens. Meer hierover staat op de pagina over vermogen en toeslagen.
Let op: de zorgtoeslag staat los van de zorgverzekeraar. Het wisselen van verzekeraar verandert het recht op toeslag niet; alleen inkomen, vermogen en de huishoudsituatie zijn bepalend.
Alleenstaand of met een toeslagpartner
De huishoudsituatie weegt zwaar mee. Voor een alleenstaande wordt alleen het eigen toetsingsinkomen en vermogen beoordeeld. Wie een toeslagpartner heeft, krijgt te maken met het gezamenlijke toetsingsinkomen en het gezamenlijke vermogen, terwijl tegelijkertijd hogere grensbedragen gelden. Of er sprake is van een toeslagpartner hangt niet alleen af van een huwelijk of geregistreerd partnerschap; ook samenwonen met bijvoorbeeld een gezamenlijk kind of een gezamenlijke woning kan iemand tot toeslagpartner maken.
Het moment waarop een partnerschap ontstaat of eindigt, werkt door in de toeslag. Gaan twee mensen samenwonen of uit elkaar, dan verandert de grondslag voor de berekening. Het is daarom van belang zulke wijzigingen tijdig te melden, omdat een onjuiste huishoudsamenstelling in de berekening tot een te hoog of te laag voorschot leidt.
Hoe hoog is de zorgtoeslag?
De hoogte hangt af van het inkomen en van het al dan niet hebben van een toeslagpartner. Hoe lager het inkomen, hoe hoger de toeslag, tot een maximumbedrag. De toeslag bouwt geleidelijk af naarmate het toetsingsinkomen stijgt, zodat een kleine inkomensstijging niet meteen het hele recht doet vervallen. Omdat de bedragen jaarlijks worden bijgesteld, geeft een actuele proefberekening bij de Belastingdienst het meest betrouwbare beeld. Een indicatie van het te verwachten bedrag is te krijgen via zorgtoeslag berekenen.
Het vermogen speelt op een andere manier mee dan het inkomen. Waar het inkomen de hoogte geleidelijk bepaalt, werkt de vermogenstoets als een grens: ligt het box 3-vermogen op 1 januari boven het maximum, dan vervalt het recht voor dat hele jaar, ongeacht de hoogte van het inkomen.
Voorschot en definitieve berekening
De zorgtoeslag is een voorschot dat is gebaseerd op een schatting van het jaarinkomen. Pas na afloop van het kalenderjaar, wanneer het werkelijke toetsingsinkomen bekend is, stelt Dienst Toeslagen het bedrag definitief vast. Komt het werkelijke inkomen lager uit dan geschat, dan kan een nabetaling volgen. Was het inkomen hoger, dan blijkt achteraf dat een deel van het voorschot ten onrechte is uitgekeerd en volgt een terugvordering.
Het verschil tussen voorschot en definitieve berekening maakt duidelijk waarom een actuele schatting belangrijk is. Wie het geschatte inkomen tussentijds aanpast aan de werkelijkheid, beperkt de kans op een onverwachte terugvordering. De systematiek van schatten vooraf en afrekenen achteraf geldt voor alle toeslagen en wordt in de begrippenlijst verder toegelicht.
Zorgtoeslag aanvragen
De aanvraag gaat via Mijn toeslagen met DigiD. De stappen staan beschreven bij het aanvragen van een toeslag. Een aanvraag over een berekeningsjaar kan tot 1 september van het jaar erna worden ingediend.
Wijzigingen en stopzetten
Omdat de zorgtoeslag een voorschot is, is het belangrijk wijzigingen in inkomen of huishoudsituatie tijdig door te geven. Daarmee blijft het voorschot kloppen en wordt een latere terugvordering voorkomen. Hoe een toeslag wordt stopgezet, staat op de pagina toeslag stopzetten.